Sint Vincent, deel 2.

In Cumberland Bay kun je heerlijk zwemmen en spelen. Er zijn dan ook veel kinderen om ons heen. Deze dag komen er regelmatig jongetjes langs in een kano of zwemmend om te vragen of we iets te eten hebben. Soms zijn ze specifiek (“Got any biscuits?”) en soms zeggen ze gewoon dat ze honger hebben, en dan wachten ze af.  De eerste keer dat ze om koekjes vroegen, antwoordde ik ontkennend want koekjes hebben we niet aan boord. Dan bedenk ik dat ik nog wel snoepjes heb. Ik gooi ze in hun kano en ze bedanken vriendelijk. Het volgende groepje krijgt wat van Hans’ zelfgebakken olijven-tomatenbrood en daarna hebben we nog vissoep voor een paar jongens. Hans had die gekocht maar hij vond het niet lekker. Alles werd even enthousiast ontvangen. We maakten praatjes en kregen te horen dat wij de enige aardige zeilers zijn 🙂 . “The others are mean to us”, zei een klein ventje. Tja, vragen om eten is voor ons ook een beetje onbeleefd. Maar het zijn zulke vriendelijke jongetjes allemaal. Ze wensen ons een goede reis of veel plezier op hun eiland. Ze aaien Djogo en als we vragen of ze wat visjes voor hem willen vangen, gaan ze er meteen op uit. Al snel komen ze terug met een bak vol visjes die ze van het strand geraapt hebben.

Deze sardientjes lagen al een paar uur op het strand en konden dus niet meer als aas dienen. Djogo blieft echter geen vis die al een paar uur in de zon gelegen heeft. Dat was een kleine teleurstelling, maar al gauw gingen de jongens levende sardientjes vangen.

Hans heeft ze schoongemaakt (Djogo blieft ook geen spartelende vis) en de jongens bleven kletsen, Djogo knuffelen en gewoon hangen. Toen Hans ging zwemmen en een prachtige duik van de boot maakte, kwamen ineens alle jongens aan boord om ook hun mooiste duiken te demonstreren. Na een tijdje vond ik acht jongens aan boord toch wel wat veel van het goede, dus we kondigden aan dat ze hun laatste duik mochten doen en dat we daarna de poort gingen sluiten. Dat was prima. Een wat oudere jongen, Zico, vroeg ons of we misschien een tourtje over het eiland wilden doen. Zijn vroegere leraar, die niet meer voor de klas staat, is nu gids en hij zou hem kunnen vragen om ons rond te rijden. Wij wilden graag de Dark View watervallen zien en kwamen een prijs overeen met Collin, de teacher.

En zo gaan we 10 april op pad met Collin, die zich voorstelt als Kali. Een echte leraar die heel veel informatie geeft en weinig praatjes maakt. We leren over de bananenteelt: de bananenbomen groeien op de heuvels. Als de bananen geplukt moeten worden, komen de kinderen niet naar school. Ze moeten helpen om de bananen naar de weg te brengen waar ze opgehaald worden. Ik kan me niet voorstellen dat bananen in Nederland zo goedkoop zijn. Wat een rotwerk om die heuvels af te sjouwen met trossen bananen op je hoofd. Kali vertelt ons dat Fairtrade echt goed werk doet. Mensen krijgen een eerlijker prijs. Als we vervolgens in de plaats Petit Bordel komen (hij stopt voor het plaatsnaambord om de naam even op ons in te laten werken…), vertelt hij dat de bananenteelt zo weinig opleverde (6 cent per kilo) dat de export geen rol meer speelt in de economie. Veel mensen zijn overgestapt op de teelt van een product dat 240 euro per kilo oplevert: marihuana. Petit Bordel is de marihuanahoofdstad van Sint Vincent. Jaren geleden was het een plaats vol armoede. Mensen woonden in hutjes. Nu staan er grote huizen.

Petit Bordel met op de achtergrond de vulkaan.

Een middelbare school met de naam Petit Bordel…

Onze volgende stop is een kiezelstrand nabij de vulkaan La Soufrière. Kali groet een vrouw die met een emmer bij een berg kiezels staat. Zij werkt al 39 jaar op dit strand. Ze raapt kiezels, stopt ze in haar emmer, tilt deze op haar hoofd, ze loopt naar de weg en maakt daar een berg van de kiezels. Een ‘load’ levert 200 ECD op. Het is me niet duidelijk hoe lang ze over een ‘load’ doet, maar ik vermoed dat ze daar lang mee bezig is. Haar rechterhand beefde, haar linkeroog zag grijzig van de staar. Als we langs het strand lopen tot de voet van de vulkaan, ben ik stil van deze ontmoeting. Wat heb ik gemopperd op mijn werk! En dat was toch echt wel luxewerk vergeleken met kiezels rapen… Ik schaam me er gewoon voor! En ik neem me voor nooit meer te mopperen. Bijna begon ik alweer want het lopen op blote voeten over de soms scherpe steentjes was voor mijn eeltloze prinsessenvoetjes niet fijn, maar gelukkig dacht ik net op tijd aan een emmer vol grind op mijn hoofd en toen huppelde ik maar zachtjes verder.

Als we langs een groepje vrouwen lopen, gaat Kali er ineens naar toe en komt terug met koekjes van tritri. Hij wil ons dat graag laten proeven. Ik neem beleefd een hapje, maar eigenlijk eet ik vlees noch vis. Met kleinschalig gevangen vis word ik wel wat makkelijker. Maar als na een hap een half visje met oog uit het koekje hangt, ben ik niet heel enthousiast. Ik moffel het koekje naar Hans, die het wel lekker vindt. Nu ziet Kali dat ik het al op heb, en dan krijg ik – echt lief – ook zijn koekje. Ik neem maar weer een hap en geef ook deze door zodra het kan. Daarna deel ik onze in de wonderpan gebakken chocoladecake uit, en met mijn handen vol kan ik niet meer viskoekjes aanpakken 🙂 .
Op de terugweg sprak Kali nog een vrouw aan die aan het werk was. Ik kwam aarzelend nader, ik vond het verschil met ons leven zo schrijnend. Maar dat was niet nodig. De jonge en ontzettend mooie vrouw straalde ons tegemoet. Ze heeft, zoals veel mensen uit Sint Vincent, in Canada gewoond. Nu is ze terug omdat ze het veel fijner vindt in Sint Vincent. Dit werk doet ze tijdelijk, ze is vrij van het werken in de Mojito’s bar (ja die, in onze baai). Ze houdt van dit werk. Ze houdt van het geluid van de zee, ze houdt van de workout en hoopt wat gewicht te verliezen, ze houdt van het buiten zijn. Als je jong en gezond bent, levert dit werk een goed salaris. Kali vertelt dat de mensen die de steentjes ophalen goed kijken van wie ze ‘loads’ afnemen. Als ze vijf loads nodig hebben, nemen ze er altijd één of twee van een ouder iemand. Een mooi sociaal systeem.

We rijden naar de Dark View Falls. Onderweg laat Kali alle fruitbomen zien (mango’s, papaja’s, sinaasappels, limoenen, avocado’s…. helaas is het geen plukseizoen!!) en hij stopt om een gevallen kokosnoot open te slaan met een grote kei. We eten kokos en rijden dan verder. Bij de watervallen laat Kali ons een poosje alleen. We hebben onze zwemkleding bij ons en we springen in het ijskoude water. Voor het eerst van mijn leven sta ik onder een waterval!! Hans heeft echt geprobeerd leuke foto’s van me te maken, maar mijn (al wat oude en uitgelubberde) bikini houdt het niet onder het keihard kletterende water. En glimlachen is ook lastig. Vooral je ogen open houden valt niet mee. En ik verloor af en toe mijn evenwicht. Nou ja, zelf heb ik best hard gelachen toen ik de foto’s zag.

Dan maar deze foto, dit is in de tuin naast de waterval.Terug in Cumberland gaan we nog een drankje drinken in Mojito’s. Het tafeltje met het roze kleedje wordt neergezet zodra we in zicht komen. Dat is dus het toeristentafeltje. Erg schattig. De vaste klanten zijn veel vriendelijker nu. Na drie dagen horen we er bijna bij. Een meisje moet van haar moeder een bak met souvenirtjes laten zien. We vragen haar waar de witte walvis van gemaakt is. Vrolijk vertelt ze dat deze van een dominosteen gemaakt is. Haar moeder komt wat later en zij pakt toevallig ook de walvis. Ze vertelt dat deze van een walvistand gemaakt is. Jaja, maak dat de toerist wijs 🙂 . We hebben bij opa Joseph al een schandalig duur armbandje gekocht dus we slaan de souvenirtjes nu maar af.

Tot zover deel 2 van deze trilogie over Sint Vincent. De derde komt later, we gaan zo vertrekken uit de wifizone. Het kan even duren voor we weer bereik hebben. Maar misschien ook morgen alweer. Dat weten we nooit van te voren!

 

PS

Zico, de jongen die ons tourtje regelde en daarna nog een paar keer kwam kletsen, wil graag een poedel of een pitbull. Ja, heel serieus, één van die twee. Een waakhond voor bij zijn huis. Op alle eilanden is eigenlijk maar een soort hond (vuilnisbakras??) en hij wil een bijzondere. En ook een die hij als puppy kan krijgen, want dan kan hij hem opvoeden. Het is de bedoeling dat de hond zijn vader goed kent en niet aanvalt, want zijn vader drinkt graag en dan gedraagt hij zich anders dan anders. Dus, mocht je naar Sint Vincent gaan en je hebt toevallig een poedel- of pitbullpuppy, dan is hij welkom bij Zico! Ik heb beloofd dit op onze website te zetten!

3 thoughts on “Sint Vincent, deel 2.

  1. Wat een leuk stuk weer. Iedereen moet keuzes maken dus spijt dat we er niet geweest zijn is een groot woord maar ik hoop wel dat er door jullie blog weer meer toeristen komen!

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.