Papieren tijger

Reizen met een huisdier is niet altijd gemakkelijk. De eisen die gesteld worden aan de invoer van je kat verschillen per land. Sommige landen stellen helemaal geen voorwaarden, andere doen niet moeilijk zo lang de kat aan boord blijft en de meeste nemen genoegen met een bewijs dat hij is ingeënt tegen hondsdolheid. Zo niet de Bahama’s.

De moed zinkt ons in de schoenen na het lezen van de lijst met eisen die worden gesteld. Vooraf moeten we een importvergunning aanvragen bij het Ministerie van Landbouw. Zodra deze vergunning afgegeven wordt, moet de kat onderzocht worden door een dierenarts. De dierenarts moet verklaren dat de kat gezond en vrij van parasieten is en een waslijst aan vereiste inentingen geven. Dit onderzoek moet maximaal 48 uur voor aankomst op de Bahama’s plaatsvinden in het land van vertrek.

Allemaal leuk en aardig, maar als je verwacht minstens zes dagen erover te doen om op de Bahama’s te komen, is 48 uur onmogelijk. Na overleg met Wellington, onze tussenpersoon op de Bahama’s die de vergunningaanvraag afhandelt, blijkt dat de soep niet zo heet gegeten wordt. Volgens hem begrijpen de Bahamese ambtenaren dat een zeilboot soms langer onderweg is en is dit geen probleem. We hebben een tussenpersoon in de arm genomen omdat de vergunningsaanvraag anders via de post of fax moet lopen. Vooral de betaling kan dan problemen geven dus heeft Wellington heel slim een website ingericht waar buitenlanders eenvoudig online de juiste formulieren kunnen downloaden en invullen, en vervolgens elektronisch kunnen betalen. Hij gaat met alle uitgeprinte documenten en cash geld langs bij het Ministerie van Landbouw.

Nu Wellington druk bezig is met de vergunning, proberen wij Djogo gekeurd te krijgen. Bij het (telefonisch) maken van een afspraak in Morehead City, de beoogde vertrekhaven, vraagt de assistente het nummer van de importvergunning. Als ik aangeef dat die nog niet afgegeven is, weigert ze de keuring in te plannen. Ik stel voor dat wij zelf het vergunningsnummer op de formulieren invullen als we het ontvangen hebben, maar dit is ‘against the law’. Er lijkt niets anders op te zitten dan geduldig wachten tot de vergunningsaanvraag goedgekeurd is. Dat is wel jammer want eigenlijk willen we over een paar dagen vertrekken. We kunnen niemand anders de schuld geven dan onszelf, we hadden dit proces natuurlijk gewoon een maand eerder in gang moeten zetten. Als we bij een watersportwinkel in Oriental aan de praat raken met de uitbater komt het onderwerp op katten aan boord. Hij is zelf enkele malen met boot en poes naar de Bahama’s geweest en vertelt dat de dierenarts in Oriental geen enkel probleem heeft een keuringsrapport te ondertekenen zonder datum of vergunningsnummer. “Are you on that blue boat at the town dock?”, vraagt hij. “Is that name on the back your home town?”. Je zou zeggen dat niemand op de hele wereld ooit van Katwoude gehoord heeft – maar deze man is er geweest. Kleine wereld.

We lopen gelijk even langs bij de dierenarts en ondanks dat het de laatste dag voor haar vakantie is en dus retedruk, past een keurinkje en wat inentingen voor Djogo er ook nog wel bij. Een paar uur later ben ik terug op de boot met een volledig goedgekeurde en lekgeprikte Djogo plus een officieel ondertekend keuringsrapport. Nu nog even wachten op de verlossende email van Wellington en we kunnen op weg naar de Bahama’s.

Keuringsrapport

Een paar dagen later helaas nog geen witte rook en we willen eigenlijk wel op weg. We vragen Wellington de vergunning te mailen naar het SSB mailadres van de Maaike Saadet, opdat die het naar ons kunnen doorsturen. Wellington kan niet direct naar ons mailen omdat door aangepaste Amerikaanse regelgeving wij als buitenlanders geen emails meer kunnen ophalen via Amerikaanse SSB walstations. Jacco & Jannie hebben een Amerikaanse zendamateur licentie dus die mogen dat wel (ook al klinkt dit erg als America First, heeft het deze keer echt niets met Trump te maken). We vertrouwen erop dat het wel in orde zal zijn met de vergunning voor we op de Bahama’s aankomen.

Zes dagen later komen we aan op Cat Island maar hebben we nog geen importvergunning ontvangen. Ik hoop dat Wellington het naar mijn gmail heeft verstuurd en ga op weg naar het douanekantoor. Onderweg stop ik bij een doe-het-zelf winkel om te kijken of ik mijn mail hier kan ophalen. Omdat zo’n vraag beter landt als je eerst iets koopt, vraag ik de verkoper of hij RVS sluitringen verkoopt. “Welke maat?”, vraagt hij. Ik: “Een halve inch binnendiameter.” Hij: “We verkopen hier geen RVS.” Na dit zeer verhelderende gesprek vraag ik hem of hij dan misschien wifi heeft omdat ik een vergunning uit mijn mailbox moet ophalen. Daar kan hij me wel bij helpen. Helaas zit er geen vergunning in mijn gmail. Ik stuur een appje naar Wellington en hij vertelt dat er vertraging is op het ministerie en dat hij die middag weer langsgaat om te kijken of er al schot in zit. Dat betekent dus dat ik zonder importvergunning moet gaan inklaren. De aardige verkoper blijkt ook pastoor te zijn en verzekert me dat hij me nooit zou adviseren iets slechts te doen, maar ook dat ik niets moet zeggen over de kat aan boord als ik geen vergunning heb. Ze gaan volgens hem toch nooit aan boord controleren dus als ze naar huisdieren vragen moet ik gewoon zeggen dat ik die niet heb. Met knikkende knieën ga ik door richting douanekantoor.

Daar aangekomen ben ik de enige klant. De vriendelijke dame achter het loket geeft me een stapel formulieren om in te vullen. Via deze stapel formulieren verzeker ik dat er niemand is overleden tijdens onze oversteek, dat we geen goederen importeren, dat iedereen aan boord gezond is enz. enz.. Drie kwartier later ben ik klaar met het invullen van alle formulieren en heeft zij onze documenten gecontroleerd. Op geen van de formulieren staat een vraag over huisdieren en de douanebeambte vraagt er ook niet naar. Ik betaal de 300 dollar voor onze cruising permit en daarna heet de douanebeambte me vrolijk welkom op de Bahama’s. De volgende dag arriveert Djogo’s vergunning in mijn mailbox, mosterd na de maaltijd en ik vraag me af waarom we al die moeite gedaan hebben.

import vergunning

Twee weken later vaar ik met vrienden naar een grot bij Farmers Cay. Plotseling komt een rubberboot met grote snelheid op ons af. Als de boot in de buurt is, gebaren ze ons de motor uit te zetten. Voorop staat een man met een mitrailleur en een glimlach. Eenmaal langszij stellen ze zich voor als de Bahamian Defense Force en leggen ze uit dat ze de papieren op de Linde komen controleren. Ze zeggen dat mijn vrouw heeft ingestemd maar zij is niet de kapitein dus ze vragen of ik mee terug wil naar de boot, of het goed vind dat mijn vrouw het afhandelt. Ik vind het prima dat Carla onze papieren toont en vaar rustig verder naar de grot.

Bahamian Defense Force

Eenmaal aangekomen op het strand herinner ik me ineens de importvergunning van Djogo. Die zit in mijn mailbox en ik weet niet zeker of Carla die kan vinden. Ik besluit toch maar terug te varen naar de Linde. Ergens ben ik blij dat we het toch niet voor niets hebben aangevraagd. Halverwege de terugvaart (onze buitenboordmotor is nog uit het bronzen tijdperk en heeft van de vijf pk er nog maar twee over waardoor tochtjes met de bijboot altijd wat langer duren dan vooraf ingeschat) zie ik dat de mannen van de Defense Force wegvaren bij de Linde en zwaaiend varen ze met hun honderd paardenkrachten aan mij voorbij. “Carla zal het wel gevonden hebben”, denk ik bij mezelf en ik keer terug naar het strand. Later vraag ik aan Carla of ze de vergunning gevonden had. Ze had het nogal spannend gehad want ze wist niet waar de vergunning was. Djogo lag op bed te slapen dus ze zei niets over de kat in de hoop ermee weg te komen. De papieren waren allemaal in orde. Daarna wilden ze de boot binnen controleren. Van voor naar achter alle kastjes open, geen probleem, we hebben niets te verbergen. Halverwege de controle werd Carla toch wel erg zenuwachtig en zei: “Oh and we have a cat, he is sleeping on our bed…”. “Ah! I like animals!”, zei de beambte, waarna hij zoete woordjes tegen Djogo begon te murmelen.

Tot op heden heeft nog steeds niemand in de Bahama’s interesse getoond in de keuring en importvergunning.

Djogo boeit het ook niet…

3 thoughts on “Papieren tijger

  1. Hee Hassan. Wat een leuk en goed verhaal weer. Twee van die goede schrijvers/vertellers aan boord is toch wel heel erg leuk. We genieten ervan. Groetjes O en O.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.