Een verjaardag om nooit te vergeten

We varen de haven van Cienfuegos in met de verwachting – vanwege verhalen van andere zeilers – dat we een intensieve inklaringsprocedure ingaan. Tien man aan boord, honden die uitgebreid door al je spullen snuffelen, wij zijn er mentaal op voorbereid en hebben Djogo instructies gegeven op de giek te klimmen zodra die hond aan boord springt. Het valt bijna tegen. De dokter vult een formuliertje in en de douanebeambte wat uitgebreidere formulieren. Het meeste werk is het doorgeven van onze gegevens aan de havenmeester. En dan zijn we welkom in Cuba!

We pakken het lokale vervoermiddel, een brommertaxi, naar de stad waar we ons meteen vergapen aan de prachtige gebouwen en natuurlijk de onwijs mooie oldtimers.

We gaan pinnen. In Cuba zijn twee valuta’s: CUC (Cuban Convertible peso) en CUP (Cuban Peso). CUC’s zijn voor toeristen, CUP’s voor Cubanen. De CUC is evenveel waard als de euro en dit is 24 CUP. Met een zak vol CUC’s gaan we op zoek naar een biertje. Hans heeft een neus voor bier en gaat door een poort een soort pleintje op, en jawel, als we de hoek omgaan zien we een bar. Blij bestelt Hans twee biertjes, maar dit is de rumbar. Iets verderop is de bierbar. Daar staat een rij. We sluiten aan en proberen de prijslijst te begrijpen. Bier, 6 staat er. Zes euro voor een biertje? Dat lijkt ons wat veel. Zes peso dan? Dat lijkt ons wat weinig. Ach, we bestellen wel en zien dan wat er gebeurt. Het is onze eerste uitgave en kleiner dan 20 CUC hebben we niet. De barman kijkt er wat moeilijk naar en geeft ons dan twee CUC terug. Hmm, dat lijkt ons niet helemaal kloppen. Hans probeert in zijn beste Spaans (dat bestaat uit ‘Hola, cómo estás? No hablo Español.’) om wat meer geld terug te krijgen. We krijgen nog wat muntgeld. Mensen om ons heen bemoeien zich ermee, de barman roept iemand en diegene wisselt onze 20 CUC voor twee keer 10 CUC. Ik vind het best om 10 CUC voor de biertjes te betalen, laat ze maar wat extra’s hebben, dan kunnen wij hier uit de aandacht weg… Maar Hans wil straks nog meer biertjes en wil daar graag een betere deal voor. Een man een eindje verderop ziet ons gestuntel waarschijnlijk al een poosje aan en wenkt ons. We lopen naar het groepje waar de man tussen zit en schuiven bij hen aan. De man spreekt Engels! Hij is half Grieks, half Cubaans en hij is onze redder in nood. Hij legt het systeem van de CUC’s en de CUP’s aan ons uit en zorgt dat wij wat CUP kunnen ruilen met hem en een vriend. Een biertje is dus echt maar zes CUP hier… We praten nog een tijdje door met Henry en zijn vrouw Chichi. Ze geven ons allerlei tips over Cienfuegos en staan erop dat we met hen mee naar huis gaan. Ze geven ons wat verse groente en fruit en we spreken af later een keer samen te eten. Wat een lieve mensen! We lopen blij babbelend naar huis, enthousiast over deze stad en de mensen die we net hebben leren kennen.

Chichi en Henry.

Wat volgt speelt zich af in een week tijd. Het voelt als veel langer!

Zaterdag
We lopen zoals elke dag een rondje door Cienfuegos. Op verschillende plekken in de stad zijn wifipunten. Een internetkraskaart met inlognummer en wachtwoord koop je voor één CUC en daarmee kun je een uur internetten. We regelen wat we moeten regelen, kletsen bij met vrienden en familie op Whatsapp en voor we het weten is het uur voorbij. We staan op om een ijsje te gaan eten bij Coppelia. Een man springt van zijn fiets en vraagt ons of we naar Trinidad willen. Dit is een van de oudste stadjes in Cuba en een enorme toeristische trekpleister. De meneer is heel vriendelijk en beleefd en eigenlijk gewoon heel schattig, we kunnen hem niet weerstaan. We geven onze gegevens, die hij in een boekje opschrijft. Onze namen zijn wel een beetje ingewikkeld dus die schrijven we er zelf bij.

De meneer laat zien waar we kunnen overnachten. Het is een soort visitekaartje. Hij heeft er niet zoveel en hij vraagt ons dan ook of we er een foto van willen maken, zodat hij geen kaartje hoeft te geven.

We spreken af elkaar maandag om 9 uur bij de haven te zien. We eten een ijsje bij de lokale ijssalon waar het altijd druk is en betalen 4 CUC, dat wij een heel normale prijs vinden voor twee ijsjes. Een paar uur later horen we ineens vrolijk: “Hans! Carla! Hola!”. Blij fietst onze reisverkoopmeneer langs ons. Zo leuk!

Zondag
Het is zondag en prachtig weer, reden genoeg voor een tweede bezoekje aan de biertuin. Er ligt een Nederlandse boot in de haven, de Amante, en we lopen langs om te vragen of er iemand mee wil. Dick springt meteen op de steiger. In de biertuin maken we nieuwe vrienden. Een man heeft een shirt van Messi aan. Hij spreekt geen woord Engels, maar hij wil heel graag met ons over voetbal praten. Het gesprek verloopt ongeveer zo:
“Alemania?”
“No, Holanda!”
“Ah! Frenkie!” (Voor de niet-voetballers: Frenkie de Jong.)
“Si! You… Messi?”
“Si! Messi!” (Draait zich om om de naam op zijn rug te laten lezen.)
Vervolgens praten we met een andere man bij wie we een beetje een onbestemd gevoel hebben. Als iemand anders ons probeert aan te spreken, snauwt hij diegene toe. Hij is aardig tegen ons en wil graag ‘s avonds weer afspreken op de boulevard. We willen best een tijd afspreken maar of we er zullen zijn… Intussen wil de voetbalfan ook nog wat converseren. “Frenkie! Hahaha!”. Wij zijn de flauwste niet en roepen blij: “Messi!”. (Dit herhalen we nog een keer of zes.)
Tijd om verder te gaan kijken. In de hoek klinkt muziek. Live muziek! En er wordt gedanst. Voor ik het weet neemt een man me bij de hand en sta ik tussen de Cubanen te dansen.

Zelfs Hans moet er aan geloven. Zodra het kan vlucht hij naar de bar. Prima hoor, ik heb het wel naar mijn zin. Dick ook. Hij danst met een mevrouw van minstens 80 jaar. Zo lief!

Op de terugweg lopen we nog even langs Henry en Chichi. We willen een afspraak maken om samen te eten.

Dick maakt in de straat van Henry en Chichi deze mooie foto!

We krijgen een glaasje rum. Eerst de gewone rum, daarna de dure rum. Deze dure rum kost 5 CUC per fles. Een koopje voor ons – maar niet voor Cubanen. Het gemiddelde salaris in Cuba is minder dan 30 euro per maand. Cubanen krijgen bonnenboekjes waarin staat hoeveel rijst, olie, suiker en nog een aantal producten ze mogen kopen tegen een door de staat bepaalde – lage – prijs. Dit is een minimale hoeveelheid. Wat je daarbuiten in de winkel wilt kopen, is veel duurder en de beschikbaarheid van producten is geen vanzelfsprekendheid. In de winkels ligt veel van weinig. Een schap met Pringles chips, een schap met tomatenblokjes en perensap en een schap met rum – dat is wat wij in de winkel om de hoek zagen. Op is op en je wacht af wat daarna in de winkel ligt.

Foto van internet geplukt. Bij ons waren dit dan de Pringles.

We bekijken het bonnenboekje met verbazing. Daar zitten we, in de keuken van nieuwe vrienden, voor wie een boekje waarin staat dat ze zoveel gram suiker per maand mogen kopen onderdeel is van het dagelijks bestaan. Wat een contrast met onze luxe. We maken een afspraak om woensdag samen te eten. Bij Henry en Chichi thuis, want we willen hen graag bij ons uitnodigen, maar dat is verboden. Bij de haveningang wordt streng gecontroleerd. Cubanen mogen niet voorbij het hek bij de douane.

Maandag
We gaan naar Trinidad! Dat was nog wel wat geregel want je mag in Cuba je boot niet onbeheerd voor anker laten liggen. De havenmeester ziet geen mogelijkheid voor ons om in de haven te liggen (er is plek, maar je moet je niet teveel afvragen…). Het is gelukkig wel toegestaan om iemand te vragen om je boot in de gaten te houden. Dick vindt het geen probleem om de verantwoording op zich te nemen en zo kunnen wij erop uit. We laten Djogo achter met voldoende water en eten en beloven hem morgen weer op tijd terug te komen.
Trinidad is een prachtig stadje. We slapen in een schattig ‘casa particular’. De eigenares geeft ons bij binnenkomst een dikke knuffel en laat haar huis, onze kamer en het barretje op het dakterras zien. In de bar hangt een bord waarop staat: ‘el rey de la mojito’. Dit klinkt veelbelovend (el rey = de koning). Maar het is nog vroeg en we gaan eerst de stad verkennen. In het spoor van miljoenen toeristen lopen wij naar het historisch museum. Vanaf het dak van het museum hebben we een fantastisch uitzicht over de hele stad.

Uitzicht op het Plaza Mayor.

Hoewel het echt een mooi stadje is, zijn we na een paar uur eigenlijk wel uitgekeken. Het is zo ontzettend toeristisch. Overal restaurantjes die te duur zijn voor de lokale bevolking. Overal ook winkeltjes met eenzelfde aanbod van rieten hoedjes, tasjes en handgeborduurde tafelkleden. Het is mooi hoor! En we kopen ook allebei een hoedje bij een zó vriendelijk oud mannetje dat we gewoon niet voorbij zijn winkel kunnen lopen.

Het is ook zo’n onweerstaanbaar winkeltje!

Toerisme is een belangrijke bron van inkomsten in Cuba, dus dit is allemaal heel logisch. Ik vind het alleen zo moeilijk dat heel veel in dit land alleen toegankelijk is voor toeristen en voor de kleine rijke toplaag van Cuba. Maar ja, dat is niet alleen in Cuba zo natuurlijk. En toch is het anders. Daar kom ik nog op terug. Terugkomend op de Mojitokoning: ja, ze zijn echt lekker!!

Dinsdag
We worden wakker van enorm gegil en geschreeuw. Ik spring het bed uit om te onderzoeken waar dat vandaan komt. Nee nee, niet om iemand te redden ofzo, ik hoor varkens en dat vind ik leuk. Nou ja, die beesten, niet het gegil want dat is best een rotgeluid. Ik loop naar het balkon om te kijken waar die varkens zijn, maar helaas; de muur tussen ons en de buren is te hoog om er overheen te kijken. Hier houden ze dus varkens in de binnentuin van een huis midden in de stad!

Ons balkon. Helaas met links en rechts te hoge muren om te kunnen gluren bij de buren.

Onze gastvrouw vertelt dat we om 12 uur thuis moeten zijn voor de taxi naar Cienfuegos. We besluiten buiten het centrum te gaan wandelen. Je hoeft niet heel ver te lopen om in heel andere buurtjes te belanden. We hebben intussen echt wel wat gezien, maar toch schrik ik van de armoede.

Hier zie je nog wat kleur, verderop worden de huizen kleurloos. We hebben daar geen foto’s gemaakt.

Stil gaan we terug naar het centrum. We gaan op een bankje zitten en aanschouwen een wonderlijk gebeuren. Er staat een vrachtwagen in de straat. Uit een gebouw komt een man met een steekwagentje waarop een flink aantal dozen staat. Twee mannen stapelen de dozen in de vrachtwagen. De dozen wegen niets zo te zien. Na elke voltooide rij volgt hetzelfde ritueel: er wordt een getal op een doos geschreven en dan wordt er een foto gemaakt. We vinden het zo boeiend dat we blijven zitten tot de hele vrachtwagen vol is. Honderden dozen zitten erin. Hans vermoedt dat het sigaren zijn en als we langslopen, wordt dit door de geur bevestigd. Er wordt in Cuba overal, echt overal, streng op gecontroleerd en we vermoeden dat de cijfers en foto’s er zijn om te voorkomen dat er een doos ‘van de vrachtwagen valt’.

Vol indrukken stappen we in de taxi naar Cienfuegos. Hier een paar van onze indrukken:

Zoals gebruikelijk in de Carieb… huizen in de prachtigste kleuren.
Het mooiste paarse autootje van de wereld. Op de achtergrond zie je een tractor. Dit is evenals paard en wagen een normaal straatbeeld.
Paard en wagen, dus.
We liepen na schooltijd een school binnen. Kleine klasjes! Met prachtige tegelvloer. Niet dat het daar nou om draait, maar mooi is het wel. We liepen aan het begin van de middag langs een gebouw met grote open ramen aan de voorkant. Daarachter stonden minstens 50 bedjes met kleine, slapende kinderen in uniformpjes. Superschattig!
Hans met zijn nieuwe hoedje in onze mooie casa.

Woensdag
Vanavond gaan we samen met Dick eten bij Henry en Chichi en een bevriend stel. Met een tas vol drank en hapjes bellen we aan. We raken deze avond niet uitgepraat en we eten allemaal veel te veel. Zij omdat ze nooit van die lekkere dingen kunnen kopen die wij meegenomen hebben, en wij omdat Chichi ongelofelijk goed kan koken met hele simpele ingrediënten (rijst, linzen en groenten). We leren veel over Cuba. Mooie dingen, maar ook verbazingwekkende feiten. Cubanen mogen bijvoorbeeld niet vrij reizen in hun eigen land. Chichi heeft vroeger op Cayo Largo gewerkt, een eiland met resorts voor toeristen. Henry mocht haar daar niet opzoeken. Ze kunnen ook niet naar Havana bijvoorbeeld. Dit mag wel als ze toeristen begeleiden; daarom wil Tony, vriend van Henry, graag onze reisgids zijn de komende week. Wij bedanken omdat we verder willen zeilen, maar Dick gaat volgende week met Tony op pad.

Tony en Gretel.

Het gebrek aan vrijheid maakt het leven in Cuba anders dan op andere plekken waar we zijn geweest. Ik denk dat er meer arme Jamaicanen zijn dan arme Cubanen, maar in Jamaica ben je wel vrij. De opmerking van een man in de bediening in een restaurant waar we een keer een Cuba Libre (rum-cola) bestelden was veelzeggend: “Cuba Libre is a joke.” Nou hebben we niet alleen maar zware gesprekken deze avond hoor. Dick vraagt om muziek en doet een dansje met Chichi in de keuken.

Henry eet met veel smaak onze crackers met tonijnsalade en vraagt of we al Cubaanse crackers hebben gekocht. Nee? Hij pakt een zak crackers en houdt ons deze voor. Hij demonstreert hoe je deze tussen de kaken moet nemen om de cracker te kunnen vermalen. Ze zijn inderdaad nogal hard… Tonijnsalade is een delicatesse voor ze. Gek genoeg kun je in deze stad niet aan vis komen. Overal in de baai wordt gevist, maar dat mogen alleen de vissers doen en ze mogen het kennelijk niet op de markt brengen in Cienfuegos. Wij hadden nog blikjes in de boot. In de havenwinkel liggen ook blikken tonijn, grote blikken, voor 10 CUC. Je begrijpt wel dat dit veel te duur is voor onze vrienden. We eindigen de avond met de broekriem los, een hoofd vol verhalen en veel knuffels.

Donderdag
We stapelen de waszakken in de kar van de brommertaxi en gaan op weg naar de wasserette. Dit is doorgaans niet het schrijven waard, maar ik vind het een heel avontuur vandaag.

We zijn er vroeg, de wasserette is nog niet open. Een aantal mensen staat of zit voor de ingang. Hans vraagt: “Ultimo?”, waarop een mevrouw aan de overkant van de straat wordt aangewezen. Hier in Cuba staan overal rijen. Voor de winkels, bakkerij, wasserette, noem het maar en er staan mensen te wachten. ‘Ultimo’ is de laatste die aansluit. Zo hoef je niet letterlijk in de rij te staan. Je houdt gewoon in de gaten wie er als laatste voor jou aan de beurt is. Vervolgens even opletten dat je je hand opsteekt als iemand anders “ultimo” roept, en klaar ben je. Netjes wacht ik op mijn beurt. Ik vind het maar spannend want ik moet me zien te redden in het Spaans. De mevrouw in de wasserette vindt het net zo spannend. Het is geloof ik niet gebruikelijk dat toeristen hier komen. Je kunt je was in de haven afgeven, dan wordt het voor een paar CUC per kilo gewassen. Ik vind wasserettes leuker. Zeker deze. En voor 12 CUP per trommel is het een belachelijk goedkope ervaring. De mevrouw kijkt me nog eens aan en vraagt of ik wel begrijp dat het alleen wassen is, niet drogen. In Spanje heb ik de woorden voor wassen en drogen geleerd dus ik begrijp het prima. Onze lakens en handdoeken verdwijnen in de plastic machines. Tijdens het centrifugeren springt de machine op en neer en het deksel vliegt open. Gelukkig verblikken of verblozen de dames niet dus ik doe ook maar of het heel gewoon is. Ik mag overigens niet zelf aan de wasmachine komen en ik snap nu ook waarom!

Als ‘s middags alles droog is gaan we weer naar de stad voor een rondje internet – brood kopen – ijsje eten. Bij de bakkerij staat uiteraard een lange rij. We ultimo-en en wachten daarna onze beurt af. Soms schuift de rij heel snel door, soms staan we lang stil. Zo weten we precies wanneer de broodjes uit de oven komen. De keus is hier makkelijk. Niet zoals in Nederland 33 soorten brood en dan nog krentenbrood, koekjes, croissants en taart; nee, gewoon, pan. Pan is het Spaanse woord voor brood. En pan is wat ze verkopen. In deze bakkerij zijn dat harde witte bolletjes. Het kunnen ook zachte zijn, in een andere bakkerij of misschien op een andere dag. Als we aan de beurt zijn kopen we broodjes voor de Amante, waar Peter en Roswitha weer aanwezig zijn na een paar dagen weg, en voor ons. Daarna gaan we naar Coppelia voor ijs. We zijn inmiddels wat meer thuis in Cuba en kijken nog eens goed rond in de zaak terwijl we, je raadt het al, in de rij staan. Het is er ontzettend druk en iedereen eet meerdere ijsjes. Ook verdwijnt er ijs in thermosbekers. Er zijn geen toeristen, wel veel schoolkinderen. Wij kijken nog eens naar het bord met prijzen dat buiten hangt. We begrijpen niets van de menukaart maar de ijsjes varieren in prijs tussen de 1,50 en 3 Cubaanse dollar. We realiseren ons dat dit CUP is in plaats van CUC. Dit keer pakken we bij het afrekenen de biljetten met de hoofden in plaats van de biljetten met de gebouwen en ja hoor, dat wordt geaccepteerd!

Vrijdag
Dick is jarig. Hij heeft iedereen die hij deze week heeft leren kennen uitgenodigd om mee uit eten te gaan. We schuiven aan een grote tafel op het dakterras van restaurant Prado. Dick zit aan het hoofd met om hem heen zes Nederlandse zeilers en vijf Cubanen. Henry en Chichi natuurlijk, Tony, Carlos Musicos en zijn vrouw Mariangel.

Peter, Tony, Roswitha, Mariangel, Carlos, Dick, Henry, Diana, Wil, Chichi en wij.

Carlos heet uiteraard niet echt Musicos. Dick heeft nog een Carlos leren kennen – Carlos Olympicos, winnaar van een bronzen medaille bij schermen op de Olympische Spelen van 2000. Hij sloot later op de avond aan. Carlos Musicos is een bekende percussionist in Cienfuegos. In het restaurant is live muziek, de band speelt naast onze tafel. De bandleden kennen Carlos en tussen het eten door drumt hij een paar keer mee.

Het is super. De sfeer, de lieve mensen, de vriendschappen die binnen een week zijn ontstaan. De muziek is mooi, er wordt gedanst, het eten is lekker. Het voelt zo bijzonder. Alles wat mooi is aan onze reis lijkt samen te vallen op deze avond. Na het eten gaan we naar een club met meer live muziek. Carlos speelt ook daar onder luid applaus mee. De vrouwen dansen, de mannen drinken rum – de vrouwen ook trouwens want in Cuba drink je nu eenmaal rum. Als bijna iedereen naar huis is gaan wij nog even door. Dick, Henry, Chichi, Hans en ik gaan naar een karaokebar waar de muziek en dansstijl ietsje anders zijn dan in de club waar we waren. Het niveau gaat aan alle kanten naar beneden. Niet dat we dat erg vinden hoor. We passen ons aan.

Vroeg in de ochtend zwalken we met zijn drieën naar huis. Op de Malecon (boulevard van Cienfuegos) treffen we een groepje jongeren die een bandje vormen. We praten met Aivis, die hen begeleidt en zelf in een band speelt die ook in Nederland optreedt. Grappig! Aivis zou wel in Nederland willen wonen, hij vindt het een fantastisch land. Als Hans voor de tiende keer vertelt dat Aivis eens naar Canada moet gaan, dat Canada echt nog veel mooier is dan Nederland en dat iedereen in Canada echt heel aardig is, vind ik het tijd om naar huis te gaan. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Hans en Dick hebben net dat éne slokje rum teveel op. Bij iedere stap vooruit doen ze er twee achteruit. Dat gecombineerd met mijn fantastische navigatiekwaliteiten (ik ben helaas de enige die überhaupt nog een beetje richtingsgevoel heeft…) zorgt dat we de paar honderd meter naar de haven in anderhalf uur afleggen. Ofzo, het is een ruwe schatting.

En dan gaan ze er ook nog bij liggen!!! 🙂 🙂 🙂

Het is een wonder dat we droog thuis komen. De bijboot ligt aan een steiger waar je vanaf een meter hoogte op moet springen. Het is een smal drijfsteigertje – wiebelig dus. Ik vertrouw Hans niet en vertrouw dat Dick toe. Die zal wel eens laten zien hoe je op de steiger komt en zonder aarzelen maakt hij een snoekduik. Hij rolt zo’n beetje over de hele steiger, maar hij valt er niet af. Wij zigzaggen naar onze boot en zwaaien naar onze nieuwe beste vriend. Het was mooi Dick!!! Dankjewel! Ook voor de foto’s!

TOEGIFT

We besluiten maandag Cienfuegos te verlaten. Dit kan natuurlijk niet zonder afscheid te nemen. Zondag gaan we nog een keer met zijn allen op stap. Carlos Musicos nodigt ons uit om naar club Benny Moré te gaan. Hij treedt er op. We houden het dit keer beschaafd…

3 thoughts on “Een verjaardag om nooit te vergeten

  1. Ja Cuba ideeen bijzonder land. Met zijn oldtimers. Maar zoals altijd vinden jullie de goede mensen om jullie de weg een beetje te wijzen ?groetjes weer

Laat een reactie achter op Dirma Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.