De avonturen van Fons en Pee

Ons leven met zijn tweeën klinkt avontuurlijker dan het is. We hebben wel eens storm op zee, er is een keer een walvis onder ons door gedoken, maar verder is het toch vooral wat zeilen, wandelen, zwemmen, brood bakken, de was doen en – als we in de buurt zijn – afspreken met zeilvrienden.

De steeds veranderende omgeving maakt het een supermooi leven. Het sprookjesachtig blauwe water waar we sinds 15 november op rond dobberen, spreekt veel mensen aan. Twee van deze mensen boeken een vlucht naar Great Exuma waar ze 26 november aan komen. Wat dan volgt zijn twee weken vol avonturen waar wij nog lang met veel plezier aan terugdenken en soms nachtmerries over hebben…

Fons en Peter Jan (Pee) arriveren in Georgetown waar we hun aankomst vieren met, hoe kan het anders, een aankomstbiertje.

Dat aankomstbiertje wordt een welkomstbiertje op de Linde, dan tussenbiertje, een vijf-uur-biertje, een wat-ontzettend-leuk-dat-jullie-er-zijn-rummetje, etc.. De volgende dag schrijven we af onder het mom van jetlag.

Dan gaat het avontuur echt beginnen! We varen naar Leaf Cay om leguanen te bewonderen. Het hele strand ligt vol. Het blijken nogal vechtersbazen en ze zijn sneller dan ze eruit zien. Eén van ons vieren bleef een paar meter van het strand in het water staan – en ik was het niet.

De volgende stop is Prime Cay. Een onbewoond eiland, wit zandstrand, een azuurblauwe zee met om de hoek een bij laag water bijna afgesloten baaitje met schildpadden. Dit is wat iedereen zich voorstelt bij onze reis en ja, dit is ook het allermooiste.

Enthousiast vertel ik over de vele schildpadden die ik hier vorige week heb gezien. Hans zag er geen één en heeft geen zin om er nog een keer naar toe te gaan, dus we stappen met zijn drieën in de bijboot en nemen de snorkels mee.

Ik besef dat ik nog nooit zonder Hans (en handje handje) gesnorkeld heb, en begin te hyperventileren in mijn snorkel als ik denk aan de haaien en enorme roggen die overal zwemmen. Maar ja, ik wil me niet laten kennen. Bovendien kijk ik er enorm naar uit om de schildpadden onder water te zien in plaats van steeds heel even het kopje boven water. Fons en Pee zijn al aan de overkant van de baai als ik nog wat rond de bijboot plons. Helaas is er geen schildpad te bekennen. De bijboot weer in klimmen is een avontuur op zich. Ik heb geen flippers aan en kan mezelf niet voldoende omhoog werken om me op te kunnen trekken aan de rand. Met man en macht hijsen Pee en Fons me omhoog. Ik kan niet meewerken, ik lig dubbel van de lach. Terwijl de mannen bijkomen van de inspanning, navigeer ik de boot door de smalle vaargeul. Plotseling staat Fons op en wijst een grote zwarte vlek aan. Nou zijn hier veel rotsen, maar die bewegen niet. Het blijkt een heel grote rog! Onze dag is toch nog goed!

Klinkt het niet avontuurlijk genoeg? Dat is omdat ik de spanning rustig opbouw. We gaan naar Staniel Cay. Hier vlakbij is een strand waar varkens vrij rondlopen en zwemmen. Ze komen meteen naar jou en je boot toe om te kijken of je wat te eten hebt. Het is natuurlijk vreselijk toeristisch maar we vinden het ook gewoon hartstikke leuk.

Pee en Fons nemen ons daarna mee uit eten bij de jachtclub. Een Caribische jachtclub dus lekker kleurrijk!

Het is donker als we de bijboot opzoeken om terug te varen naar de Linde. Bij de haven van Staniel Cay is een strandje waar je de bijboot op mag leggen. Het water is er afgeschermd van de zee door een muurtje van rotsen.

Het water achter de rotsen stroomt redelijk hard. Vorige week lagen we hier ook en toen was ons bootje op het strand vol water geklotst. Bij hoog water ligt het muurtje onder water.

De jerrycans drijven…
Zo klotst het dus. Die paal in het midden speelt een belangrijke rol in het verhaal dat nu volgt.

Dit keer ligt ons bootje er goed bij. Vanwege de wind en stroming verwachten we erg nat te worden, dus de kleren gaan uit. In onderbroek start Hans de motor en zo tuffen we het haventje uit. Het tuffen stopt – en de motor wil niet meer aan. Lichte tot steeds heviger paniek maakt zich van ons meester. Het is aardedonker, golven slaan ons om de oren en het bootje stuitert op en neer. Terwijl Hans blijft proberen om de motor te starten, grijpen Pee en ik een paal waar we langs hobbelen. We zijn vlakbij de tanksteiger en trekken ons via de palen naar een ladder. Het is niet leuk om van een hard op en neer springende boot op een laddertje te klimmen. Fons en Pee halen hulp en vinden een watertaxichauffeur die ons naar onze boot wil brengen. We maken het bijbootje leeg en wachten tot Cameron bij de wiebelende steiger is. Inmiddels hebben we ook wat kleren aangetrokken trouwens 🙂 . Terwijl Camerons boot alle kanten op stuitert, laten we onze tassen, het anker, benzinetank etc. aan boord zakken en klimmen er zelf achteraan. Het is een heerlijk comfortabele en snelle boot, maar het duurt even voor ik daar van kan genieten. Terwijl Hans en Fons achterin babbelen met Cameron, zit ik stil en verkrampt naast Pee voorin. Ik denk aan alles wat mis had kunnen gaan. De stroming, de golven, de rotsen aan alle kanten om ons heen… Maar het ging niet mis. Zoals altijd komt alles weer goed. Na een drankje voelen we ons al snel weer klaar voor het volgende avontuur!

Dat volgende avontuur laat niet lang op zich wachten. We gaan de Thunderball Grotto ontdekken – die uit de James Bondfilm Thunderball. Niet dat ik die gezien heb, maar ik doe het toeristische praatje er even bij. Voor de kust van Staniel Cay ligt een grote, holle rots. Een grot die er van buiten uitziet als een eiland. Via een opening aan de éne kant zwem je naar binnen, en aan de andere kant ga je – met de stroming mee – weer naar buiten. We leggen Linde ‘s ochtends vroeg vlakbij de uitgang voor anker en springen in het water. We moeten een stuk tegen de stroming in zwemmen om de grot in te kunnen. Als we er bijna zijn, zie ik het koraal aan alle kanten op me afkomen. Ik krijg claustrofobische gevoelens en trek Hans hard aan zijn hand. Hans is onverbiddelijk en zegt dat ik maar in mijn eentje terug moet zwemmen als ik niet meer wil. Had ik al gezegd dat er heel veel haaien zwemmen in de haven van Staniel Cay? In mijn eentje terugzwemmen is dus geen optie. Fons gaat voorop en verzekert me dat er niets engs aan is. Het is supermooi in de grot. In het ‘plafond’ zitten gaten waardoor heel mooi licht naar binnen valt. Onder ons zwemmen gestreepte visjes (en een barracuda, maar die heb ik niet gezien en dat vind ik niet erg). Hans trekt me af en toe aan een flipper of arm terug omdat ik de stroming steeds vergeet en dan bijna tegen het – scherpe – koraal drijf. De opening aan de andere kant is onder water. We moeten dus een stukje duiken. Fons ziet dat ik het eng vind en gaat voorop. Ik zie hem duiken, Pee gaat erachteraan en dan ben ik. Een paar meter onder laaghangend koraal, dat is wat benauwend, maar het stukje duiken valt mee. Ik zie Fons bij de uitgang hangen en denk, ach wat attent, hij laat zien wanneer ik er ben. Als Hans er ook uit komt, ziet hij Fons hangen en denkt shit, hij hangt aan het – ja, scherpe – koraal, wat is er aan de hand? Fons kwam te vroeg omhoog en heeft een flinke hoofdwond. Op de boot giet Hans een liter betadine over de wond. Het ziet er niet goed uit. Dus gaan ze naar de kant, op zoek naar iemand die kan hechten. Ze vinden een kliniek die open is volgens het bordje.

Maar er is niemand. In de haven vinden ze iemand die denkt te weten waar de verpleegkundige is. “I’ll bring you, hop on!”.

Snel halen ze Cynthia, de verpleegkundige, thuis op en gaan met haar naar de kliniek.

Helaas is de verpleegkundige niet gespecialiseerd in het hechten van diepe hoofdwonden. Haar man kan Fons tegen betaling naar Farmers Cay brengen, daar is een dokter. Hans stuurt me een appje: “Pee en Fons gaan naar Farmers Cay voor hechtingen. Verzamel alle cash dollars en schone kleren voor Fons.”

Vlug verzamelen Pee en ik de spullen die Fons nodig heeft. Als Hans er is, springen we in de bijboot en wachten in de haven tot de man van Cynthia er is.

Linksonder zwemt een haai!

Vijf uur later zijn de mannen terug. Fons heeft elf hechtingen!

Zodra we weer compleet zijn, hijsen we het anker omhoog en gaan weg uit deze veel te gevaarlijke plek. In Black Point gaan we van de schrik nog maar een keer uit eten. Er zijn helemaal geen toeristen en we moeten reserveren in het restaurant, anders gaat het niet open. Deshamon is superlief en heel behulpzaam. Wil je boodschappen doen? De winkel aan de overkant is dicht, de eigenaresse ging met het vliegtuig. Wil je wassen bij de wasserette? De eigenaresse is naar een ander eiland, met het vliegtuig. We kunnen wel muntjes kopen bij Deshamon. Wil je een T-shirt kopen? Deshamon heeft alle maten en kleuren thuis dus kies maar uit.

Ze zijn alledrie duidelijk nog een beetje onder de indruk van alle avonturen…

Langzaam komen we bij van de avonturen in Staniel Cay. We relaxen op de boot samen met Djogo, die dat supergezellig vindt.

Als een boer met kiespijn… zijn kies is net ook nog afgebroken… Op deze foto zie je het niet echt, maar Fons bleef bewonderenswaardig positief en is supergezellig aan boord!
Een topgast met een topkat en een topboek!
En als je dan mannen meeneemt die van zeilen houden, dan kan ik lekker een dutje doen…
Hans is heel blij met de interesse in het zeilen… En ik wil de mannen niet meer kwijt, zo fijn al die extra handen aan boord!

We zwemmen en snorkelen in het prachtig blauwe water. Na het snorkelen wil Hans nog even de waterlijn van de boot schoonmaken. Wij gaan alvast douchen en aankleden. Plotseling horen we Hans hard schreeuwen: “Een haai!!!”. Binnen een paar seconden is hij met flippers en al het zwemtrappetje opgeklommen. Ja, dat is echt knap. Hans vertelt over de enorme haai die van voor de boot recht op hem af kwam. Gespannen turen we alle vier over de zeereling om een glimp op te vangen van dit monster, maar hij laat zich niet zien. Voor de zekerheid zwemmen we niet meer. Afkoelen doen we wel met een teiltje zeewater.

De volgende dag zien we wel een andere vis rond de boot zwemmen. Iedere keer als we etensresten overboord gooien, komt hij tevoorschijn. Als hij er na een paar dagen nog is, begint Hans zich te realiseren dat dit waarschijnlijk de ‘enorme haai’ is. Onder water lijkt alles groter hè…. Gewapend met camera springt Hans in het water en filmt de vis. Hij laat zien dat het een dier is met een zuignap op zijn kop. Hij zuigt zich vast aan de boot en laat zich zo vervoeren. We zoeken het op en leren zo over de remora oftewel zuigvis. We raken gehecht aan ons nieuwe huisdier, noemen hem Nemo, en zijn een beetje ontdaan als hij er na vijf dagen niet meer is!

Evenzo zijn we ook gehecht geraakt aan onze tijdelijke huisgenoten. Het was vol in de boot met zijn vieren. We zagen alles van elkaar. Privacy is er niet in een boot van nog geen 12 meter. Maar dat went. Na een paar dagen was er geen schaamte meer en we weten meer van elkaar dan na jaren vriendschap in Nederland… Nu zijn Pee en Fons weer thuis en wij bleven een beetje ontdaan achter. Nu eens zien of we met zijn tweeën ook nog wat avonturen zullen beleven!

2 thoughts on “De avonturen van Fons en Pee

  1. Dag Carla. Met tussenpozen volg ik jouw/jullie avontuur en ik leef naast jou ook mee met de kat. Aan het eind van de reis heeft die misschien wel zwemvliezen tussen zijn tenen. Bij ons komen dagelijks twee katten op bezoek, die na een verblijf van ruim drie jaar op Sint Maarten, gewoon weer voor de deur stonden. Misschien zien we je nog eens, we hebben zoveel goede herinneringen. Goede vaart! Hartelijke groeten uit Oosterbeek. JPvH

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.