Lekker leven is de leus!

We zijn er hoor. Op een onbewoond eiland. En we voelen ons er blij, ook al lopen er best wel wat mensen voor onze neus. De billen bloot gaat ons daarom te ver. Maar verder liggen we heerlijk op onze haidewiets, wat dat ook moge zijn, en alle dagen zijn fijn!!!

Wie zong het vroeger niet keihard mee? En dan droomde je misschien ook, dat je ooit…. melk uit een kokosnoot…

En hier zijn we. Linde ligt bij de Tobago Cays. Vijf onbewoonde eilanden! En wij liggen er tussen!
We liggen hier niet alleen. Het zou ook wel wonderlijk zijn als we de enigen waren die van dit ongelofelijk mooie gebied willen genieten.

En kijk eens goed! We liggen tussen de Maaike Saadet en de Incentive. Hoepla, zo weer ingehaald na ons verblijf in Trinidad. We wilden ze verrassen met onze komst. We gooiden het anker tussen hen in en keken door de verrekijker waar ze waren. Op één van de eilanden zagen we Sanne, Rik en Jannie bij de bijboot en die snorkelaar zou Jacco dan wel zijn. Voor we de bikini en zwembroek aan hadden, waren ze er helaas al uit het zicht. We besloten bij een eilandje dichterbij te gaan snorkelen. Hand in hand (ik durf nog niet alleen…) dreven we op het water. Onder ons zwommen grote scholen met kleine visjes. Veel gele vissen, een paar zwart-wit gestreepte, papegaaivissen en dan nog allerlei andere mooie visjes. Op de bodem van de zee ligt gras. Mooie sappige weitjes. En daar, in het weitje, zagen we het dier dat ik ZO graag wilde zien. Een schildpad! EEN SCHILDPAD!! Gewoon, onder ons, rustig aan het knabbelen. Hij zwom een stukje verder en wij zwommen mee. Boven water zag je onze billen en de snorkels. De blauwe van Hans en de roze van mij. We hadden niet in de gaten dat we werden gevolgd. Nee, wij waren veel te druk bezig met onze eigen achtervolging. De schildpad een stukje naar links, dan wij ook een stukje naar links. Oooh, hij gaat omhoog. Even lucht happen. En nu duikt hij weer naar beneden. Ik kwam ook even boven water. En keek recht in het lachende gezicht van Sanne. Ze hadden ons gevonden! Even was ik in tweestrijd. Superleuk om jullie weer te zien lieve mensen, maar ik zwem met een schildpad! EEN SCHILDPAD! Ik riep zoiets door mijn snorkel, porde Hans in zijn zij dat we visite hadden en dook daarna weer onder water. Nog even mocht ik boven de schildpad zwemmen. Daarna maakte hij zich met een paar krachtige slagen uit de voeten.

Het was best een avontuur om op deze onbewoonde eilanden te komen vanuit Trinidad. Het plan was om via Saline Island (Grenada) naar Union Island (Sint Vincent and the Grenadines) te zeilen. We stippelden een route uit op de plotter. Langs de kust van Trinidad een stukje naar het oosten, en dan omhoog, langs Grenada. Helaas besliste de wind anders. Dinsdag 27 maart stond er een harde noordoostenwind. Op zich een prima windrichting voor ons doel, we gingen recht op Grenada af. Het gebied tussen Venezuela en Grenada wilden we echter vermijden vanwege piraterij. We probeerden op te kruisen, maar dat schoot niet op: na het overstag gaan, zeilden we terug naar Trinidad. Dwars door het piratengebied dan maar. Licht uit, locatie (AIS) uit, en racen maar. Met deze wind gingen we lekker hard. Geen piraat hield ons bij. Voor we het wisten, waren we 70 mijl verder en deden we na middernacht het licht aan. Djogo en ik voelden ons niet zo lekker. Het mooie daaraan is dat ik helemaal niet met de Venezolanen bezig was. Ik was wel banger dan anders, maar dat kwam door de harde wind en de hoge golven die voortdurend over ons dek sloegen.

’s Nachts viel de wind weg en kropen we met 2 tot 3 knopen verder. Het was heerlijk om vroeg in de ochtend land te zien. We wilden illegaal een etmaal doorbrengen bij Saline Island, omdat we dit van Dirma (Dingo) echt niet mochten overslaan. Op de plotter zag ik dat we er over een half uurtje zouden zijn. Fijn! Lekker slapen! De lucht werd langzaam donker. Nadat het dus licht geworden was. Dikke wolken stapelden zich boven ons op. Ja hoor… regen! Harde buien! We overlegden kort en besloten verder te varen naar Union Island. We zeilden langs Mopion, waar ik eigenlijk wel even onder het parasolletje wilde schuilen voor de regen. Hans zag de lol niet in van dit gekke eilandje helaas…

Rond 14.00 uur waren we in Chatham Bay. Een boatboy kwam ons meteen vertellen over happy hour in zijn restaurant. Ach, we hadden wel een drankje verdiend vonden we. Maar we hadden nog geen EC (Eastern Carribean) dollars. En in deze baai zijn alleen een paar strandtentjes. Maar gelukkig hebben we vorig jaar als huwelijkscadeautje van Patricia en Astrid een stapel envelopjes met valuta voor heel veel landen gekregen om drankjes te kopen… Eens even kijken. Envelopje Curacao: daar gaan we niet naar toe. Wat zit er in? US dollars. Daar kunnen we vast wel mee betalen!

De volgende dag gingen we inklaren in Clifton. Dat is 5,3 km van Chatham Bay. Inmiddels weten we dat op een eiland niet de kilometers tellen, maar de steile hellingen. De boatboy van het restaurant wist wel een taxi te regelen, dat zou (enkele reis) 150 EC dollars zijn (45 euro). Misschien vinden de mensen op de megajachten om ons heen dat normaal, maar wij gaan dan liever lopen. Hijgend en zwetend klimmen we de berg op. Eenmaal op de weg hebben we een prachtig uitzicht.

Linde ligt daar ergens in dat baaitje!

We zijn alweer blij en vervolgen vrolijk onze weg. Er komt ons een man met een kapmes tegemoet lopen. Hij is ook vrolijk en zo groeten we elkaar een hele goede morgen (het is nog maar half 8). De meneer stelt zich voor als ‘Bushman’. Hij komt uit Ashton en wandelt iedere morgen naar zijn boerderij op de berg van Chatham Bay. We zijn van harte welkom om langs te komen. “Je hoort vanzelf waar het is. Je hoort de kippen!”, en hij maakt een Sint Vincent and the Grenadines’ kippengeluid (wat is dat toch met die landennamen hier?). Morgen kunnen we echter niet langs gaan, want dan is het Goede Vrijdag en dan is hij vrij. Hij is een ‘church man’. Na nog wat babbelen nemen we afscheid. Bushman zegt: “You friendly faces, I love you!”, en we krijgen allebei een knuffel van hem. Wij zijn nóg blijer als we verder lopen. Wat een heerlijk land, wat een lieve man, wat een lekker leven!

Onderweg tref je dan dit soort miniparadijsjes.

In Clifton liepen we hierlangs. Zo ga ik later mijn huis schilderen. De kleuren! En de tekst is ook goed.

Na het inklaren is het 11 uur. Het is zeer zonnig en heet. We hebben drie opties:

1. Nu terug lopen naar de boot (en een zonnesteek oplopen?).
2. Een veel te dure taxi nemen (neeeee! We kunnen zoveel leukere dingen doen met dat geld!).
3. In Clifton wachten tot de heetste uren voorbij zijn (wel zielig voor Djogo om zo lang alleen op de boot te zitten).

We zijn nog in overleg wat we gaan doen. Dan dient de vierde optie zich aan. Een busje stopt naast ons en er stapt iemand uit, en een ander stapt in. Hans vraagt waar het busje naar toe gaat. Naar Ashton. Voor twee EC dollar per persoon kunnen we mee. Ashton is bijna halverwege en dan hebben we alvast een klein bergje gehad. Prima! We stappen snel in. Onderweg blijkt dat ze ons ook best naar Chatham Bay willen brengen. Jippie! Wat hebben we weer een geluk! We geven met plezier 20 EC dollar. We zijn veel eerder terug dan verwacht, en besluiten nog even de berg op te klimmen om Bushman te bezoeken. We belanden in een prachtig weiland. Aan alle kanten kijken we uit over de oceaan en het eiland. We lopen langs de geiten, de kippen en het huis. Helaas zien we Bushman niet en hij hoort ons niet roepen.

Als we terug zijn op de boot, appen we met Jannie en Jacco. Zij zijn bij de Tobago Cays en willen ons graag zien voor ze verder gaan naar Bequia om uit te klaren. We spreken af om elkaar de volgende dag te ontmoeten op Mayreau. Dat is voor ons allebei maar een paar mijl varen. We besluiten nu meteen te gaan. Onderweg bedenken we dat het nog leuker is om naar de Tobago Cays te varen, zodat we ook Rik en Sanne nog zien. De zon schijnt. We varen langs Union Island, een prachtig groen eiland midden in de blauwe zee. Ik sla mijn armen om Hans heen en zing zacht: “Geen pietsie pech, want je hoeft er niets…”. Lekker leven is de leus!!!

Nawoord.

Op onbewoonde eilanden is internetten geen prioriteit en het is ook niet zo makkelijk. Het is inmiddels ruim een week later. We lagen een paar nachten in Mayreau, waar je heerlijk kunt wandelen en snorkelen. Daarna spraken we af met Koen en Yvonne in Canouan, een eiland een paar mijl verderop. Het was ontzettend gezellig om hen weer te zien; dat was bijna een half jaar geleden, in Portugal. We besloten samen met hen de volgende dag weer naar de Tobago Cays te gaan. Het is er zo mooi! Ik wilde nog een keer met schildpadden zwemmen! Zij hebben prachtige foto’s onder water gemaakt, die ik mag gebruiken. We hebben zelf een filmpje gemaakt van het zwemmen met roggen, visjes en schildpadden. We zijn nu op Bequia. Bewoonde wereld en weer een supermooi eiland. Vol toeristen aan de westkust, wij liggen aan de zuidoostkant. Als enige zeilboot. We rollen hier wellicht wat meer dan in de baai waar honderd boten liggen, maar hier kun je dus in je blote kont zitten en dat is dan weer heel onbewoond eilanderig genieten! Hier volgen foto’s en een film over de onderwaterwereld in de Tobago Cays en Canouan!

(Klik op ‘snorkelen’ voor het filmpje!)

Snorkelen

De zeesterren lagen onder onze boot!

One thought on “Lekker leven is de leus!

  1. Wat een mooi verhaal weer. En wat een prachtige beelden erbij. Genieten. Fijn dat jullie iedere keer weer zeilvrienden ontmoeten. Dikke knuffel en 💋 💋 van ons.

Geef een reactie