Comer & beber

We spraken vrijwel geen woord Spaans toen we in Spanje arriveerden. Gelukkig zijn er tegenwoordig voor zo’n beetje alle hiaten in je kennis apps gemaakt, dus we oefenen braaf dagelijks een aantal woorden. Vandaag leren we comer en beber: eten en drinken.

We zijn inmiddels in Portugal, en ons digitale woordenboek vertelt dat in het Portugees ook comer en beber de juiste werkwoorden zijn. Portugees leren doen we niet. We hebben het tijdens de reis naar verwachting pas weer nodig op de Azoren, waar we op de terugreis – over een jaar of vijf – pas langskomen. Maar de belangrijkste reden is, dat het Portugees een onuitspreekbare taal is. We hebben het echt geprobeerd. In Leixoes vroegen we iedereen die we spraken hoe we deze plaatsnaam moesten uitspreken. Zoals wij het zeiden, was het een automerk volgens de taxichauffeur. De verkeersregelaar dacht dat Hans jeuk had toen hij de weg naar Leixoes vroeg. “Itchy? You are itchy?”. Tja, zo vonden we de weg dus niet. Vandaar die taxichauffeur. Geduldig herhaalde hij vele malen Leixoes. Een soort ‘Leizzjoeiezzzzj’. Maar dan anders.

Eten en drinken dus. We koken allebei graag. Thuis waren we gewend elke dag iets nieuws te eten.
Internet biedt miljoenen recepten. In Utrecht kun je naast de supermarkt terecht op de markt, in diverse toko’s en lokale Turkse/Surinaamse/ andere winkeltjes. Er zijn heel veel, heel lekkere vleesvervangende producten te verkrijgen (we eten vegetarisch). De keuken ontplofte regelmatig tijdens onze experimenten, maar na afloop gooide ik alles in de vaatwasser en dan was een uurtje later alles weer netjes. Nu de boot. Koken is nog steeds een belangrijke activiteit op de dag. Boodschappen doen in een ander land is een uitstapje waar we een paar uur voor uittrekken. Bijbootje in het water, naar de kant peddelen, bootje zo leggen dat hij bij hoog en laag water goed blijft liggen, en dan een supermarkt zoeken die open is – wij zijn er goed in precies tijdens siësta te gaan winkelen. In Nederland zijn we echt verwend met alles wat verkrijgbaar is. Wij doen ons best zo creatief mogelijk om te gaan met wortel, paprika en pompoen. (Overdrijving hoort bij stukjes schrijven.) Groente en fruit beschadigt makkelijk op een wiebelende boot. Om dit zoveel mogelijk te voorkomen, hangen we het in netjes aan het plafond.

Eenpansgerechten zijn om twee redenen favoriet: het scheelt afwas en gas. Ik houd echt ontzettend veel van de vaatwasser. Maar die heb ik helaas in Utrecht achter moeten laten. We hebben geen oneindige gasvoorraad bij ons. Je kunt bijna overal wel gas krijgen, maar dan moet je met de -zware – gasfles naar de kant om hem te laten vullen. Alleen al het uit de bakskist halen van de gasfles is een klus, dus we doen zo zuinig mogelijk met het gas. We hebben een oven, maar die hebben we pas één keer gebruikt. We hebben namelijk een vervanger: de wonderpan. Hier kun je alles in bakken wat je maar wilt, maar dan op het fornuis in plaats van in de oven. En dat scheelt een hoop gas. In onze veganistische week hebben we er heel wat baksels uit getoverd (tot ik er achter kwam dat Oreokoekjes veganistisch zijn…).

Deksel er op, uurtje op een klein vuurtje, mmmm.

Tja, veganistisch eten. Ik sta er helemaal achter. En ik ben echt een slappeling. Maar boter, kaas en eieren… ik ben er gek op. Vegetarisch eten is hier al uitdagend genoeg. Iedereen was in Spanje laaiend enthousiast over uit eten gaan. Tapas, pintxos, op de straatbarbecue bereide visjes… Daar zat ik dan aan mijn aardappeltortilla of omelet. Hoe fijn was het dan ook om in Portugal aan te komen, waar we naar Porto en Lissabon gingen. Grote steden! Vegetarische restaurants! Porto is een ontzettend mooie stad. De binnenstad is prachtig maar wel heel toeristisch. De buitenwijken zijn ook prachtig en daar kun je dwalen wat je wilt; om elke hoek is weer een prachtig steegje, een woeste ruïne of een sprookjeshuis. En het mooiste van Portugal… de azulejos. De Portugese tegeltjes op de gevels. Prachtig!

Sprookjeshuis, spookhuis (achter de rode tegeltjesmuur is een wilde tuin), poesjes… Dwalend zie je de mooiste dingen!

Porthuizen, kerk, Ponte Dom Luis I; verdwijnen tussen vele, vele toeristen…

Na een biertje met uitzicht over de Douro met de plaatselijke jongeren (goed concept. Café aan een parkje met prachtig uitzicht, biertje voor 80 cent, dan kun je dus als ieniemieniecafé een mooie omzet draaien) gingen we naar Marcel&Georges.

We weten niet of we Marcel of Georges troffen die avond, maar wat was hij lief. En wat een heerlijk eten bracht hij. Tussendoor zette hij steeds een ander plaatje op. Mocht je denken: “Ik ga eens naar Porto, en weet je wat, ik ga er vegetarisch eten!”, ga dan naar Marcel& Georges!!!

Dat was ‘comer’. Nu het drinken. Zeilen lijkt misschien eenzaam. Met zijn tweeën op een bootje op de eindeloze oceaan… “Hoe houd je dat vol?”, vroegen vriendinnen zich vertwijfeld af. Nou, tot nu toe moesten we de eenzaamheid bewust opzoeken. Af en toe een nachtje ankeren in een verlaten, idyllisch baaitje is heerlijk.

Maar voor beber is het leuker met meer dan twee. Onze idylle wordt gelukkig regelmatig verstoord…

We liggen nu in Cascais met een heel stel Nederlandse boten. Dan gaat het zo: je arriveert in de baai. Zwaaien naar bekende gezichten, anker overboord gooien en Whatsapp checken. Bij wie wordt er vanavond geborreld? We hadden afgesproken op de Dingo samen met de Quiset en de Agapè. In onze tas een bak Mojito (een charmant kannetje werkt niet op een zeilboot) en een zak chips voor de kinderen.

Maar hé, wie kwamen daar aan? Rik en Sanne van de Incentive. In Muros dronken ze een biertje bij ons. Laten we daar even langs varen voor we aanleggen bij de Dingo. Hangend aan het trappetje praten we bij. Nee, we komen niet aan boord, we hebben op de Dingo afgesproken. Kwartiertje later klimmen we toch het trappetje maar even op. Boot bewonderen (zo leuk om overal binnen te kijken!) en ach, één drankje kan wel. Appje naar Dirma van de Dingo: “We komen zo hoor!”. Nog een drankje. Dirma ziet het al en belt me. “Neem ze maar mee naar ons!”. Sanne stopt wat biertjes en nog een zak chips in haar tas en daar gaan we. Met tien volwassenen en acht kinderen is het supergezellig. Vijf bijbootjes dobberen achter de Dingo. Als we naar huis peddelen, is het nog warm. En heel donker. Gelukkig denken we er tegenwoordig aan om vóór de borrel het ankerlicht alvast aan te doen. Maar het drinken dus: het voortdurende verrukkelijke vakantiegevoel heeft als gevolg dat we best veel wijntjes, biertjes en mojito’s drinken. Dus nu hebben we alcoholvrije dagen ingesteld. Zondag gaan wij naar Sesimbra, de haven in. Klusjes doen, na ruim drie weken weer eens douchen en haren wassen, een wasserette zoeken en een avondje met zijn tweeën. Met een colaatje.

Naschrift.
“Niks daarvan”, zegt Hans, nadat hij dit blogje heeft gelezen voor publicatie. “Zondag hebben we afgesproken met de Incentive. Sanne en Rik zijn ook in Sesimbra dan. Ze hebben het bier al koud gezet”.

4 thoughts on “Comer & beber

  1. Wat een pracht reis .ja en portugal is zeer mooi .als jullie dadelijk richting albufera gaan daar krijg je een prachtige kust te zien kilometers lang.heel veel plezier en een hele goede verdere reis

  2. Weer geweldige verhalen! Leuk om te lezen. Femke en ik gaan volgende week een weekje zeilen in Kroatië, ff vakantie. Helaas ligt Portugal net iets te ver weg, want beber spreekt me wel aan.

    Goede vaart.

    Femke & Ebel

Geef een reactie